Voorlichting en vorming
Voor een succesvolle uitvoering van een beleid (met geplande
initiatieven) zijn voorlichting en, indien mogelijk, vorming
essentieel. Voorlichting brengt uw beleid tot leven, zodat het geen
dode letter blijft. Werknemers krijgen hierbij de informatie die
zij nodig hebben om het beleid toe te passen.
Informatie voor alle werknemers
Het succes van een alcohol- en drugbeleid wordt in grote mate
bepaald door de motivatie van elke werknemer om het beleid toe te
passen. Elke werknemer informeren over het belang en de inhoud van
een preventief beleid en zijn rol in dat beleid draagt bij tot een
grotere motivatie.
Communiceren, communiceren, communiceren
De werkgever is verplicht om ervoor te zorgen dat zijn
werknemers alle nodige informatie krijgen over het alcohol- en
drugbeleid van de organisatie.
De communicatie over het beleid mag niet beperkt zijn tot het
moment waarop het beleid af is. Ook nadien blijft aandacht voor het
beleid (met eventuele aanpassingen) en het alcohol- en drugthema
belangrijk.
Voorlichting maakt het verschil
Met voorlichting proberen we mensen te motiveren tot, en te
helpen bij, gezond gedrag. De meeste werknemers zijn er zich immers
niet van bewust dat zelfs matig gebruik of gebruik buiten de
organisatie effect kan hebben op hun functioneren. Medewerkers
krijgen daarom informatie over alcohol en andere drugs, de effecten
ervan op het werk en toelichting over het concrete beleid van het
bedrijf.
Voorlichting zorgt er ook voor dat mensen weten waar en bij wie
ze terechtkunnen bij problemen. Het maakt het alcohol- en drugthema
bespreekbaar en draagt zo bij tot een snellere aanpak van
problemen.
Welke informatie?
- Objectieve informatie over alcohol en andere drugs (zie www.druglijn.be) en de effecten op het
werk.
- Toelichting bij het concrete beleid: wat in de organisatie mag
en niet mag op het vlak van alcohol- en druggebruik, hoe men
optreedt enzovoort.
- Waar en bij wie werknemers terechtkunnen voor ondersteuning en
hulp.
Aandachtspunten
- Beklemtonen dat het alcohol- en drugbeleid er niet is om een
'heksenjacht' te organiseren. Het beleid is er om
functioneringsproblemen op te lossen door hulp aan te bieden voor
het onderliggende probleem. Veiligheid en gezondheid van elke
werknemer zijn hier cruciale motieven.
- Erop wijzen dat collega's probleemgebruikers niet helpen door
het gebruik en de gevolgen ervan op het werk toe te dekken.
Iedereen heeft er belang bij als functioneringsproblemen ten
gevolge van problematisch gebruik voorkomen of zo snel mogelijk
aangepakt worden. 'Klikken' is hier niet aan de orde.
Methode
Schriftelijke communicatie (bijvoorbeeld via een interne
nieuwsbrief, het bedrijfsblad of intranet) en informatiesessies.
'Hoe interactiever, hoe beter de resultaten' is hierbij de
boodschap.
Bron: NAR Leidraad & VAD Handboek - Marie-Claire
Lambrechts
© 2010 VAD